De Sociale Staat van Nederland 2003, bijlagen

hoofdstuk 7: Participatie

Bijlage 7.1 Geven aan maatschappelijke en goede doelen naar enkele achtergrondkenmerken

Geven aan maatschappelijke en goede doelen (geld en goederen) naar achtergrondkenmerken, bevolking van 18 jaar en ouder, 2001 (in procenten)

  heeft het voorgaande jaar gegeven daarvan: gaf meer dan 27 euro
totaal 46 51
man 45 47
vrouw 47 54
betaalde baan 46 45
geen betaalde baan 44 62
lager en voortgezet lager onderwijs 46 43
middelbaar onderwijs 45 54
hoger onderwijs 46 56
18-35 jaar 54 37
36-64 jaar 52 52
≥ 65 jaar 63 76
ongehuwd 35 41
gehuwd 55 54
gescheiden 23 61
verweduwd 18 50
geen kerklid 44 42
kerklid 50 67
waarvan rooms-katholiek 51 58
Nederlands-hervormd 46 74
gereformeerd 46 73
gaat minder dan 1x per maand naar de kerk 44 44
gaat 1x per maand of vaker naar de kerk 51 77
drie grote steden 77 52
rest westen 81 54
rest Nederland 84 48
brutogezinsinkomen in euro's
< 11.000 58 33
11.000-23.000 83 49
23.000-34.000 84 41
34.000-45.000 88 53
45.000-68.000 85 51
> 68.000 89 70

Bron: Schuyt ( Geven in Nederland 2003 ; Houten: Bohn Stafleu Van Loghum)

Commentaar
De laagste inkomensgroep geeft relatief weinig, de hoogste vergelijkenderwijs veel. Gulle gevers zijn vaak onder ouderen te vinden; ze tellen naar verhouding veel hervormden en gereformeerden en regelmatige kerkgangers.

© Sociaal en Cultureel Planbureau

Laatst gewijzigd: 21 augustus 2003. Opmerkingen en reacties gaarne naar de webmaster@socialestaat.nl.